|
Ik werd op 2 december 1967 om 14.44 uur (of 13.44 uur) als de blauwogige Constantia Maria Oomen geboren in het Brabantse St. Anna Ziekenhuis te Geldrop. Ik kwam weken te laat. Zodoende werd ik een zaterdagskind en Boogschutter en geen Schorpioen van sterrenbeeld, mijn eerste teken van vrije wil. Al als peuter bleek mijn grote dieren- en knuffeldierenliefde. Knuffelhaas was onlosmakelijk verbonden aan mijn mollige armpje. Verlies was een groot drama en ik bleef huilen totdat ik hem of een identieke plaatsvervanger weer in mijn armen kon sluiten. Als kleuter had ik een lui oog en moest ik een jaar lang lang met een pleister op mijn goede oog rondlopen. Daarna kreeg ik een blauw brilletje aangemeten. Later loensde ik nog wel af en toe en vooral als ik moe was. Ik ontwikkelde in mijn tienerjaren sterk bijziende ogen. Op mijn zevende levensjaar werden mijn keelamandelen onder narcose verwijderd en hierbij ervoer ik mijn eerste uittreding waarbij ik de hele operatie vanaf een afstandje zag. Pas toen ik al wat verder in mijn tienerjaren was, besefte ik dat ik iets gezien had, wat ik naar geldende maatstaven niet had kunnen zien. Het onder narcose meemaken van een spontane uittreding komt echter volgens de literatuur vaak voor. Tussen deze uittreding en de volgende zou een lange tijd liggen. Ik ben in mijn leven tot dusver maar één keer onder narcose gebracht en latere uittredingen volgden dus onder andere omstandigheden. Een bijzonder fenomeen openbaarde zich op mijn achttiende levensjaar: ik begon spontaan uittredingen te ervaren en wel met een zodanige frequentie dat dit mijn leven in een bepaalde richting ging sturen.
Sinds mijn uit huis gaan, ging ik consequent dagboeken schrijven en schreef ik elke dag mijn dromen en vanaf mijn achttiende ook mijn uittredingen en verwante ervaringen op. Daarnaast schreef ik veel over mijn gevoelens, verliefdheden, teleurstellingen en andere zaken waar het dagboek geschikt voor is. Steeds als ik het teruglees, val ik van de ene verbazing in de andere wegens de intensiteit van mijn eigen gevoelens en mijn avonturen in het verleden. Ik heb ook vele jaren intensief getekend met allerlei materialen, maar vooral met pen en Oostindischse inkt. Al voor deze tijd had ik dagboeken geschreven (vanaf mijn elfde), maar niet consequent elke dag. Aangezien er zoveel door mijn hoofd ging en ik ook dromen makkelijk onthoud, was het opschrijven ervan een voor de hand liggende keuze. Als ik dingen niet opschrijf, blijven ze eindeloos door mijn hoofd gaan. Schrijven houdt mijn hersens opgeruimd. Door deze schrijffrequentie loopt mijn aantal dagschriften nu al tegen de driehonderd aan en heb ik daarnaast vijf grote uittreedboeken waarin ik de ervaringen met uittredingen netjes heb overgeschreven uit mijn dagschriften. Het bijhouden van mijn nachtleven kost me gemiddeld zo’n twaalf minuten per dag. Ik schrijf nog steeds elke dag mijn dromen, uittredingen en met uittredingen verwante geestestoestanden op. Mijn overige ervaringen, gedachten en gevoelens verwerk ik nu vooral in e-mails, op internetfora en met mijn vrienden. Na het behalen van de tweedegraads bevoegdheid besloot ik op de Rijksuniversiteit in Utrecht te gaan studeren waar ik in drie jaar mijn doctoraal Duits (cum laude) haalde. We hadden een keer een heel moeilijke toets middeleeuws Duits bij Lambertus Okken waarvoor je onmogelijke werkwoordrijtjes oud Duits uit je hoofd moest leren. Tijdens de toets wist ik de rijtjes nog wel, maar bij één werkwoord wist ik niet wélk rijtje de juiste gevraagde tijd was (OVT, VVT enzovoort), dus schreef ik ze allebei maar op. Ik wond me al bij voorbaat op dat ik dan geen tien zou hebben, want de rest had ik wel zeker geweten. Tot mijn vreugde had ik toch een tien, want Dr. Okken had mijn prestaties onder een andere invalshoek nagekeken. Ik had dat werkwoord foutloos in twee tijden opgesomd, en ook al was het er eentje te veel, dat was voor hem kennelijk geen reden om punten in mindering te brengen. Dit voorval staat wel symbool voor het feit dat ik vaak te streng voor mezelf ben. Na mijn afstuderen aan de RUU ging ik in najaar 1994 een maand naar Amerika, een land dat me altijd getrokken heeft. In Ohio beleefde ik vele avonturen en ontmoette daar de lieve Maria en Joe bij wie ik mocht logeren en ik leerde ook de Park ranger Janine kennen die wolven onder haar hoede had. Deze wolven had ze als verlaten puppies gevonden. Wolven zijn heel anders dan honden, want ze laten zich niet tam maken en hebben heel felle ogen die recht door je heen kijken. In de jaren 1994 en 1995 werkte ik als freelance vertaler, wat niet erg beviel, en vanaf 1996 ging ik in het voortgezet onderwijs werken op meerdere openbare en particuliere scholen als docente Duits en/of Nederlands. In de jaren 90 werkte ik zo’n zes jaar in periodes aan mijn boek DOOR HET RAAM. Pas toen het vorm begon te krijgen, ging ik er intensiever aan werken en voltooide het rond 1997, waarna ik op zoek ging naar een uitgever. De reden dat ik een boek over uittredingen wilde schrijven, was omdat ik erg veel meemaakte op dit gebied en dit niet voor mezelf wilde houden. Door de vele reacties op mijn website en boek DOOR HET RAAM begon ik te beseffen dat het ervaren van uittredingen universeel is, maar dat er desondanks nog werk te verrichten is om het fenomeen de her- en erkenning te geven die het verdient. Mijn nieuwe hoofddoel werd een lans breken voor de fenomenen uittredingen en astrale erotiek. Jos Scheerboom, een goede vriend van mij, wist uitgever Sigmapress enthousiast te maken voor de inhoud van mijn boek, en dankzij hem zag DOOR HET RAAM in 2000 het levenslicht op de boekenmarkt. In 2004 verscheen DOOR HET RAAM bij uitgeverij Schors in een herziene en uitgebreide versie. Wat betreft mijn relatieleven: ik had een trage start (ik was pas na mijn twintigste echt met relaties bezig), maar ik haalde mijn achterstand ruimschoots in. Toen ontmoette ik Jeroen en deze ontmoeting zou mijn leven - en dat van hem - erg veranderen. Ik solliciteerde daarop in Den Haag omdat ik twintig jaar in Utrecht had gewoond, maar daar mijn toekomst niet meer leek te liggen. Toen ik nog in Utrecht woonde en werkte, was ik anderhalf jaar lang elk weekend naar Scheveningen gegaan, want ik ben gek op zee en strand. Kennelijk had ik daarmee energetisch de weg voorbereid op een plekje in Den Haag, want we kijken nu vanuit ons huis uit op de zee. Al een paar jaar voor ik in Scheveningen ging wonen, had ik enkele uittredingen waarin ik in een huis direct aan zee woonde, dus deze uittredingen hadden een voorspellend (of sturend?) karakter. Of misschien was ik tijdens deze uittredingen in de tijd gereisd. Mijn droom kwam uit, want ik werd in Den Haag op het Stebo, een particuliere school in het centrum, aangenomen en na een jaar op en neer reizen van Utrecht naar Den Haag en vice versa, kon ik dankzij het contract van mijn sympathieke nieuwe werkgever, Daan Stekelenburg, de broer van Johan Stekelenburg, een huis kopen in hartje Scheveningen. Jeroen en ik trouwden op 6 januari 2005 en hij nam mijn achternaam aan, omdat wij een modern paar zijn. Hij was ook in het wit, ik in het zwart gekleed tijdens de huwelijksplechtigheid, maar dat was onbewust gedaan. 
Na een paar jaar verliet ik het Stebo en richtte begin 2005 Door het Raam Soul Travel op. Lesgeven zit in mijn bloed en ik ging in 2006 toch weer als docente werken op de eveneens particuliere Amsterdamsche School. Tot nu toe heb ik op de volgende scholen gewerkt: 1996-1997: het toenmalige AOC in Houten, nu Wellantcollege, 1998-2001: het Nimeto in Utrecht, 2001-2003: het ICT Lyceum van het ROC in Utrecht, waar ik Jeroen ontmoette, 2003-2005: het Stebo in Den Haag en 2006-2007: De Amsterdamsche School in, juist, Amsterdam. In 1998 had ik de website DOOR HET RAAM opgericht en deze bleek mij samen met mijn boek een dankbare positie te geven in spiritueel Nederland en België en zelfs daarbuiten. Mijn hart ligt meer en meer bij het uitdragen van mijn kennis en inzichten op het gebied van uittredingen. Daarnaast komt mijn creatieve natuur tot uitdrukking in mijn liefde voor spirituele kunst en deze liefde draag ik uit op verschillende websites waaronder DOOR HET RAAM en Rout’ 66. Vroeger tekende ik veel,en nu doe ik dat soms nog wel, maar veel van mijn creativi-tijd zit nu in mijn computerbezigheden, ik werk met name veel met het grafische programma Fireworks. Mijn tweede boek DOOR DE POORT - ervaringen met astrale erotiek is sinds 11 mei 2007 uit. Ongeveer een jaar later, op 1 augustus 2008, is mijn derde boek DOOR DE NACHT uitgekomen. In 2009 voltooide ik mijn eerste kinderboek DOOR DE HEMEL - Iedereen heeft vleugels dat er nog steeds op wacht om gepubliceerd te worden. Het gaat net als mijn andere boeken over uittredingen, en nu ook bijna-doodervaringen, maar is dit keer geschreven vanuit het gezichtspunt van het kind.
In 2009 maakten Jeroen en ik een reis van een maand in Amerika en we bezochten Washington, Oregon en California. Dit deed me opnieuw realiseren dat het mijn droom is - en nu ook die van Jeroen - om in Amerika, California te wonen. Ik zou het geweldig vinden om in Amerika het fenomeen uittredingen op een wetenschappelijke manier verder te onderzoeken, vooral de 'elektrische wind' heeft daarbij mijn aandacht (zie het hoofdstuk hierover in mijn boek DOOR DE NACHT).
Mijn en onze droom in Amerika te wonen, is aan het uitkomen. Jeroen won de Amerikaanse Green Card Loterij van 2011 (DV 2011) en we emigreren, als alles volgens plan verloopt, in 2011 naar California. Ik schrijf hierover in mijn blogs, dus je kunt ons blijven volgen.
Dit verhaal geeft slechts een indruk van mijn leven. De lezers die meer willen weten,verwijs ik naar mijn boeken DOOR HET RAAM, DOOR DE POORT en DOOR DE NACHT. Veel liefs, 
|
|